Alice in het rijk der verboden boeken

Phlizz

Online magazine van het Lewis Carroll Genootschap

I         INLEIDING

Er doen regelmatig geruchten de ronde dat het boek Alice in Wonderland in sommige landen in de ban is gedaan en op een lijst zou staan met “verboden boeken”. Er waren daar verschillende redenen voor, zo zou het boek in de jaren zestig van de vorige eeuw in de Verenigde Staten het gebruik van drugs aanmoedigen.[1] Ook zijn er overleveringen dat Alice in Wonderland op sommige scholen in de Verenigde Staten verboden is geweest vanwege een aantal dialogen en (seksuele) fantasieën binnen het boek. Ook uit de communistische landen USSR en China uit de eerste helft van de vorige eeuw  komen “verzinsels”,  dat het boek op een “verboden lijst” zou zijn gezet op grond van het feit dat pratende dieren op hetzelfde niveau als de mens werden geplaatst en daardoor ook de mens konden kleineren.[2] Het zijn echter allemaal voor een groot deel broodjes-aap verhalen en hoewel er ooit misschien wel eens een school of een krant of een magazine het boek in de ban heeft gedaan, is het boek Alice in Wonderland nog nooit op een lijst met verboden boeken gekomen. Tot echter onlangs via een artikel van  Markus Lång in het tijdschrift “The Knight Letter”[3] uitvoerig uit de doeken kwam dat een speciale uitgave van het boek Alice in Wonderland in Finland verboden is. Dat ging gepaard met diverse rechtszaken. En dat daar nauwelijks ruchtbaarheid aan gegeven is, is niet verwonderlijk. Een westers land dat een kinderboek (althans in die uitgave) verbiedt, is heel bijzonder. Het wrange aan deze situatie is, dat een Nederlandse vertaler/bewerker daartoe de aanzet heeft geleverd.

De feitelijke gelegenheid om de distributie van deze bijzondere editie van Alice in Wonderland te verbieden vond plaats in 1962 in Finland en de reden daarvoor was van geheel andere aard dan al die redenen in al die broodjes-aap verhalen. Met toestemming van Markus Lång (een Finse Carrolliaan) en de redactie van de Knight Letter volgt hier in deel II een bijna complete Nederlandse vertaling van zijn artikel:[4]

II        DE   VERBODEN   ALICE

Proloog
Ergens in 1961 begon een Fins bedrijf genaamd Kynäbaari Oy met de publicatie van een serie boeken met het label “Luxus” (luxe), een serie boeken bedoeld voor jonge lezers. Deze boekenreeks omvatte acht klassieke romans, gedrukt in Nederland en geïllustreerd met kleurillustraties[5]: Alice in Wonderland (Liisa Ihmemaassa) door L. Caroll, Little Women door Louise Alcott, Tom Sawyer door Mark Twain, Robinson Crusoë door Daniel Defoe, enzovoort. Deze waren allemaal vertaald uit een identieke serie in het Nederlands, hoewel de romans oorspronkelijk in het Engels of in het Duits waren geschreven. Die serie van acht “bewerkingen”, oorspronkelijk omstreeks 1960  uitgegeven door Holkema & Warendorf te  Amsterdam (in het Nederlands als Junior Star Pocket en in het Frans als Serie Mulder Junior) en gedrukt in Nederland door Mulder & Zoon, werd op grote schaal verspreid in Frankrijk, Nederland, België en Canada, zoals advocaat Aleksander Kaspi later bij de rechtbank aantoonde.

Finse Alice

Franse Alice

Nederlandse Alice

Helaas was de kwaliteit van het Fins dat in deze boeken werd gebruikt, onhandig en afschuwelijk om het beleefd te zeggen. De vertalingen waren erg slecht, onnauwkeurig en ondeskundig, bovendien was de inhoud van de boeken verkort en gewijzigd. Niet alleen ontbrak de naam van de vertaler in de boeken, maar werd ook niet vermeld dat de boeken sterk waren ingekort en aangepast. De kopers van deze boeken konden zich bedrogen voelen, omdat de boeken volledige en nauwkeurige weergaven leken te zijn van de originele klassiekers. Vanuit juridisch oogpunt zou dit kunnen worden geïnterpreteerd als een kwestie van consumentenbescherming. Volgens Finse wetten is dit echter in de eerste plaats een auteursrechtkwestie, met name in gevallen waarin de auteur is overleden, zelfs als het auteursrecht al is opgehouden en de romans in kwestie het publieke domein zijn binnengedrongen. De Finse auteursrechtwet heeft een sectie die de Classics Protection Paragraaf (§ 53) kan worden genoemd. Deze wet was op 1 september 1961 in werking getreden.

In de Noordse landen was het gebruikelijk om samen belangrijke wetgeving op te stellen en dat gold ook voor de auteursrechtwetgeving van deze landen in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Er is dus ook een soortgelijke paragraaf, bijvoorbeeld in de Auteurswet van Zweden (§ 51), met de Academie van Zweden als de bevoegde autoriteit. Volgens de paragraaf in kwestie heeft het Finse ministerie van Onderwijs de bevoegdheid om de import en distributie van literatuur- en kunstwerken te verbieden wanneer het uit te geven werk publiekelijk “educatieve belangen” schendt (of in strijd is met “de belangen van het cultiveren van de menselijke geest”, op voorwaarde dat de auteur dood is, dat wil zeggen dat hij zijn of haar rechten niet kan verdedigen.[6]

De slechte literaire kwaliteit van de “Luxus” -boeken werd duidelijk in Finland toen Timo Tiusanen, een literatuurwetenschapper, de boekenreeks in de krant Helsingin Sanomat op 18 maart 1962 recenseerde. Hij concentreerde zich op de slechte kwaliteit van Tom Sawyer: “Nee , deze uitgave is een moordaanslag op het boek.” Hij nam ook nota van het niet-authentieke sprookje dat aan het begin van Alice in Wonderland werd toegevoegd. Tiusanen riep mogelijke kopers op deze “frauduleuze” boeken niet te bestellen en niet te kopen. In 1962–1963, werd deze juridische zaak op de voet gevolgd door Helsingin Sanomat, waar Tiusanen als journalist werkte. In andere kranten en tijdschriften wordt echter deze zaak zelden genoemd. In het tijdschrift Suomen Kuvalehti van14 juli 1962 keurde Helle Kannila, een gerenommeerd bibliothecaris, het verbod af met het argument dat boeken van mindere kwaliteit helaas vrij algemeen zijn en dat het ministerie dus tegen windmolens vecht. Hierop publiceerde Tiusanen op 18 juli in Helsingin Sanomat een lang en kritisch dupliek.

Het Ministerie van Onderwijs ondernam actie met betrekking tot de “Luxus” -boeken en vroeg om een ​​uitspraak van de Literaire Staats Raad en verbood de invoer en distributie van deze serie boeken op 11 mei 1962.[7]

Eerste beroep
Het bedrijf Kynäbaari, dat de serie boeken publiceerde, accepteerde dit echter niet en eiste bij de Rechtbank van Helsinki het verbod op te heffen. Dit lukte. De gemeentelijke rechtbank was het ermee eens dat de romans waren aangepast en het zou gepast zijn geweest om in de boeken te vermelden dat de publicaties waren ingekort en gewijzigd, maar door dit na te laten was er geen belediging voor educatieve belangen in de zin en omvang waarnaar in de Auteurswet werd verwezen. Daarom werd op 29 januari 1963 het verbod afgeschaft en moest de staat Finland de juridische kosten van Kynäbaari betalen, 500 mark (ongeveer 778 dollar in de huidige tijd).

Aangezien beide partijen de zaak aanhangig maakten bij het Hof van Beroep van Helsinki, kreeg het vonnis geen rechtsgeldigheid. Bij het Hof van Beroep zijn de boeken uitvoerig onderzocht, waarbij werd opgemerkt dat de vertaalde versies aanzienlijk verschilden van de originele romans; Tom Sawyer bevatte bijvoorbeeld slechts circa 85 pagina’s van de oorspronkelijke 255, The Last of the Mohicans bevatte slechts 75 pagina’s van de 560 en Alice in Wonderland bevatte ongeveer 5/6 van het oorspronkelijke aantal pagina’s en geen gedichten. Verder waren tien pagina’s met tekst toegevoegd aan het begin en twee pagina’s aan het einde van het verhaal, die niet aanwezig zijn in het originele werk – het zijn niet-authentieke uitbreidingen die zelfs heel dom overkomen. Ook de inhoud en de stijl van verschillende romans werden zo wezenlijk veranderd dat ze niet meer als vertalingen konden worden beschouwd, maar eerder als gewijzigde en verkorte samenvattingen – in feite vervalsingen -, die enigszins leken op de originele romans. Dit is natuurlijk niet zo verbazingwekkend als je een Engels boek in het Nederlands bewerkt, dit in het Frans vertaalt en dit Franse boek vervolgens in het Fins omzet. De onnauwkeurigheden stapelen zich op die manier op.

Verdere beroepen
Omdat de boeken in kwestie niet vermeldden dat het om verkortingen of aanpassingen ging en omdat de literaire waarde van de publicaties aanzienlijk lager was dan die van de originele werken, heeft het Hof van Beroep het besluit van de stadsrechtbank vernietigd en op 14 oktober 1964 beslist, dat de invoer en distributie van de boeken in kwestie verboden moest worden, zoals oorspronkelijk bevolen was door het Ministerie van Onderwijs. De staat was niet aansprakelijk voor de juridische kosten van Kynäbaari. De enige vrijstelling van het verbod was het boek Robin Hood, geschreven door een zekere “Tsylla Täti” (“Tante Tsylla”, een pseudoniem), omdat niet kon worden aangetoond dat deze anonieme auteur dood was.
Hierna ging het bedrijf Kynäbaari in beroep bij het Hooggerechtshof van Finland en deze zaak werd vervolgens op de rol gezet. Het vonnis van het Hof van Beroep werd bekrachtigd en openbaar gemaakt op 6 februari 1967. Hoewel er verschillende romans bij betrokken waren, staat dit precedent, KKO 1967-II-10, algemeen bekend als “de Alice in Wonderland zaak” in Finse cursusboeken over intellectueel eigendomsrecht.

Er moet helaas aan toegevoegd worden dat dit het enige geval is geweest – niet alleen in Finland, maar in de Scandinavische landen in het algemeen – waarin deze  Classics Protection Paragraaf ooit in werking is getreden en … deze zaak ligt nu alweer bijna zestig jaar achter ons. De paragraaf blijft technisch nog steeds van kracht, maar momenteel is het Finse Ministerie van Onderwijs niet bereid om het af te dwingen, omdat dat ondernemers ook zou kunnen afschrikken om dingen te publiceren (een zogenaamd “chilling effect”) en daarmee hun vrijheid van meningsuiting en bescherming van hun intellectuele eigendom zou beperken. Het bedrijf Kynäbaari bestaat nog steeds, tegenwoordig samengevoegd met andere bedrijven onder de naam Wulff Liikelaskenta Oy.

Vanwege dit verbod zijn kopieën van de verboden Finse editie bijna onmogelijk te vinden. Er zijn er drie bekend: één in de Nationale Bibliotheek van Finland, één aan de Universiteit van Turku Bibliotheek en één is onlangs toegevoegd aan The Burstein Collection[8]. Daarentegen zijn de Franse en Nederlandse edities goedkoop en relatief gemakkelijk verkrijgbaar. Tot zover het artikel van Markus Lång in de Knight Letter.

III      DE BEWERKTE NEDERLANDSE AARDWEG-ALICE’S

Proloog
Vanuit het oogpunt van een Carroll-verzamelaar is het natuurlijk aan te bevelen een exemplaar van dit verboden boek in het Nederlands of in het Frans te bemachtigen. Wie zou er natuurlijk niet een Alice in zijn boekenkast hebben willen staan, waarvan een afgeleide vertaling verboden is! Het is duidelijk dat de Franse en Finse boeken van deze serie vertaald zijn vanuit de Nederlandse serie “Junior Star Pocket” serie. Bij de meeste Nederlandse boeken in deze serie is de bewerker Henri van Hoorn, maar ook andere pseudoniemen komen voor. In de Alice in Wonderland-uitgave in deze serie is bijvoorbeeld de bewerker Ankie van den Aardweg. Maar wie schuilt er achter deze pseudoniemen?

De bewerker
In ca. 1937 (datering Koninklijke Bibliotheek) verscheen een ietwat vreemde Nederlandse boekuitgave van Alice in Wonderland. Gezien de spelling moet deze uitgave zeker uit de jaren voor de Tweede Wereldoorlog dateren. De titelpagina vermeldt L. Carroll: opnieuw naverteld door Henri van Hoorn. Het betreft een uitgave uit de serie A van “Goede Lectuur” (Amsterdam), bevat geen illustraties en telt 113 pagina’s. Op de voorplaat kun je in kleur een meisje, een dwergelfje en een kasteel op de achtergrond zien, waarschijnlijk getekend door de Spaanse striptekenaar Juan Pérez del Muro (1895-1949). Zie illustratie 1.

De bewerker van deze boekuitgave is in feite Henricus Petrus van den Aardweg. Hij was een Nederlandse journalist, dichter en prozaschrijver (Hoorn 1899 – Amsterdam 1971) en werkte aanvankelijk in de handel, later was hij journalist en correspondent van verschillende kranten in Parijs en Rome en daarnaast tevens adviseur van een uitgeverij.

Van den Aardweg als broodschrijver schreef veel (bewerkte) jeugdliteratuur, onder meer gebaseerd op historische figuren en gebeurtenissen.[9] Hij gebruikte daarbij veel pseudoniemen, zoals Annie Aalbers, Henri van Hoorn, Johanna van Munching (de meisjesnaam van zijn vrouw was von Münching). Zie bijlage 2 voor zijn gebruikte pseudoniemen. In bijlage 3 zijn 2 recensies van zijn roman: Menschen. Roman uit het leven van een klein land uit 1941 opgenomen, waarin hij de levenswaardigheden van een zekere “Henri van Hoorn” beschrijft.

De Bewerkingen
Maar weer terug naar zijn bewerkte Alice. Het vreemde aan dit waardeloos uitgegeven boek (slecht gebonden/gezet (een muizenstaart van 2½ pagina’s!), gebrekkig gedrukt, beroerd vertaald/bewerkt, geen illustraties (schandalig, een Alice-boek onwaardig!) en daardoor redelijk zeldzaam), is dat Henri van Hoorn in het begin van het verhaal er een sprookje, getiteld “Een vreemde prinses” van 9 pagina’s bij verzint[10], waarin een dwerg voorkomt en aan het eind van het boek als Alice weer wakker wordt, haar zus in slaap valt en ook over Wonderland gaat dromen. In deze droom van 4½ pagina’s vertellen een aantal figuren uit Wonderland haar over Alice. Later wisselen Alice en haar zus hun ervaringen over Wonderland uit. Dit boek telt 113 pagina’s, waarvan er 9½ (ruim 8%), uit de fantasie van Henri van Hoorn zijn ontsproten.

1

2

3

Zo’n 15 jaar later start het hele Alice-boekencircus rondom Van den Aardweg in volle glorie. In 1952 verschijnt onder het pseudoniem Henriëtte van Hoorn, Alice in Wonderland voor de Nederlandse jeugd opnieuw bewerkt, een nieuwe uitgave van “Goede Lectuur”, waarin het sprookje is weggelaten, maar een hoofdstuk 14 van 22 pagina’s is toegevoegd met als titel “Naschrift”, waarin Alice later haar avonturen in Wonderland probeert op te schrijven[11]. De bewerker probeert in dit hoofdstuk Lewis Carroll in dezelfde schrijftrant vergeefs na te bootsen… Zie illustratie 2 voor een afbeelding van dit boek.

In ca. 1954 wordt in België, onder het pseudoniem Johanna van Munching, Alice in Wonderland opnieuw verteld gepubliceerd, waarin zowel het sprookje als de avonturen van Alice’s zus terugkomen, maar ook aan het einde van het boek in een nieuw hoofdstuk een “Man van de Schrijverij” aan Alice’s zus verzoekt of zij de avonturen van haar zus wil opschrijven. Dit zelfde boek verscheen in Nederland als uitgave van “Goede Kinderlectuur”, maar nu opnieuw bewerkt door Annie van Munching. Er zijn dus 2 edities van deze uitgave. Zie illustratie 3.

In 1955 doemt een Alice in Wonderland op, alleen uitgegeven in België, waarin het sprookje en de droom van Alice’s zus weer worden opgevoerd en in de 2 laatste hoofdstukken een kabouter Weetal en weer de “Man van de schrijverij” worden opgevoerd. Dit boek voor meisjes van 8 – 14 jaar van 64 bladzijden zonder naam van de bewerker met nieuwe fantasieën is waarschijnlijk weer van Johanna van Munching. Zie illustratie 4.

4

5

6

Eind jaren 50 van de vorige eeuw komen bij uitgeverij Jeugdland te Heemstede 2 uitgaven van Alice in Wonderland uit. Het eerste boek, zie illustratie 5, bevat alleen de eerste 6 hoofdstukken van de originele Alice in Wonderland. Op de voorkant van het boek staat L. Caroll, op het titelblad L. Carroll. Er wordt geen bewerker/vertaler genoemd, maar vanwege de titel van het sprookje “Een vreemde prinses” kan dat niemand anders zijn dan Henriëtte van Hoorn alias Henricus Petrus van den Aardweg. Het tweede boek met op de voorkant Henriëtte van Hoorn en op het titelblad: Voor de Nederlandse jeugd opnieuw bewerk(!) door Henriëtte van Hoorn bevat ook de naam Lewis Carroll. In dit boek wordt het sprookje in het begin van het verhaal alleen terloops benoemd. Verder geen bijzondere afwijkingen van het originele verhaal. Zie illustratie 6.

In de jaren 60 van de twintigste eeuw wordt Van den Aardweg nog actiever. De meeste uitgaven zijn niet gedateerd, waardoor een zeer verwarrende potpourri met kleine tekstveranderingen is ontstaan. Allereerst verschijnt omstreeks 1960 bij uitgever Van Holkema & Warendorf N.V. te Amsterdam een Alice in Wonderland door Louise Alcott (!) voor Nederland bewerkt door Ankie van den Aardweg met 8 gekleurde illustraties van B.J. Brienen[12] in de softcover-serie Junior STAR Pocket. Drukker is Mulder & Zoon met op de achterplat het nummer 6408 en de 8 verschenen titels van boeken die in deze serie zijn verschenen. Dit is de uitgave, die als basis dient voor de “verboden” Finse uitgave in het eerste gedeelte van dit artikel. Zie illustratie 7a, 7b en 7c. Later zouden nog 2 edities hierop volgen met op de achterplat respectievelijk de 16 en 24 titels van verschenen boeken in deze serie. Zie illustraties 7d en 7e.  Bij deze 2 laatste uitgaven wordt een kleurenillustratie dubbel afgedrukt. Het gaat bij deze laatste 2 edities dus om 7 verschillende illustraties.  Bij al deze edities wordt het sprookje “De vreemde prinses” aan het begin opgevoerd en aan het eind komen weer een aantal figuren uit Wonderland in de droom van Alice’s zus terug, die wat over Alice vertellen. Echter nu komt ook een zekere meneer Walls ter sprake, uitgever van beroep die aan Alice vraagt haar avonturen in Wonderland op te schrijven, zodat hij dat boek dan kan uitgeven.

7a

7b

7c

7d

7e

Dezelfde bewerking van Ankie van den Aardweg als de vorige in de serie Junior STAR Pocket serie wordt een paar jaar later ook uitgegeven door dezelfde uitgever Mulder & Zoon te Amsterdam. We kunnen deze uitgave dus dateren rond 1965. Er zijn 3 versies van bekend, twee hardcover (waarvan 1 met stofomslag, illustratie 8a boek met stofomslag, illustratie 8b boek zonder deze stofomslag en illustratie 8c de tweede hardcover) en 1 softcover (illustratie 8d). De laatste dateert volgens de Koninklijke Bibliotheek uit 1973, maar waarschijnlijk is deze uitgave een paar jaar ouder.  Deze 3 edities hebben dus dezelfde tekstuele inhoud als de Junior STAR Pocket serie, beide hardcovers met weer de 8 kleurenillustraties en de softcover met slechts 1 zwart-witte illustratie. Het sprookje “De vreemde prinses” staat er weer in, als mede de droom over Wonderland van Alice’s zus en als toegift het bezoek van een zekere meneer Walls aan Alice op latere leeftijd, die haar verzoekt haar avonturen op te schrijven.

8a

8b

8c

8d

Dan doemt de Wonder-serie op. Deze Wonder-serie wordt ook gedateerd op omstreeks 1965. De eerste(?) serie bestaat uit 2 hardcovers met verschillende achterkant en met het sprookje en de heer Walls. Zie illustraties 9a, 9b en 9c. Geen uitgever wordt vermeld en de bewerker is Ankie Aalbers. De titel van het sprookje wordt in deze edities niet genoemd! Alle uitgaven zijn ongeïllustreerd.

9a

9b

9c

De tweede(?) serie bestaat uit een hardcover en een softcover. De voorkant van het boek is hetzelfde. Hardcover illustratie 10a en 10b. Softcover illustratie 10c. Tekstueel zijn alle boeken uit de Wonder-serie hetzelfde en ongeïllustreerd.

10a

10b

10c

Een volgende uitgave met het sprookje en meneer Walls wordt ook gedateerd omstreeks 1965. Alle 16 zwart/wit illustraties binnenin en op de voorkant zijn waarschijnlijk van Brienen. Het is wederom een zeer kwetsbare hardcover, waarbij de naam van de bewerker ontbreekt. In de samenvatting van het boek staat de naam Lewis Carell, op het titelblad Lewis Caroll. Er zijn 2 edities van bekend, een met “Lewis Caroll” op de voorkant (op de achterkant nummer 14312985) en een met “naar Lewis Caroll” op de voorkant (op de achterkant 14.31.2971). Zie illustraties 11a, 11b en 11c.

11a

11b

11c

Ook omstreeks 1965 komt een bewerking van de bewerking van Ankie van den Aardweg op de markt. Een  kleine pocket van maar 96 bladzijden, uitgegeven door Halenbeek te ’s Hertogenbosch, zetwerk afkomstig uit Paramaribo, geproduceerd in Israël en op het titelblad opnieuw bewerkt door Patricia Sommelsdijk.  Met het sprookje en de heer Walls. Zie illustratie 12a en 12b. Voorplat en achterplat zijn hetzelfde, behalve dat de titel Alice in Wonderland op het voorplat wordt vermeld. Ook komt de naam Lewis Carroll voor op het titelblad.

12a

12b

12c

12d

In ca. 1966 komt alweer een “nieuwe” uitgave in de boekwinkel te liggen. Tekstueel is dit boek hetzelfde als het boek behorend bij illustratie 6. Dit boek, uitgegeven door uitgeverij Jongland te Heemstede is dus bewerkt door Henriëtte van Hoorn. Zie illustratie 12c. Het boek bevat 3 zwart/wit illustraties zonder de naam van de illustrator. Op de voorkant staat abusievelijk Lewis Caroll. Het sprookje wordt alleen benoemd en niet verteld, maar aan het einde wordt weer een hoofdstuk 14 toegevoegd waarin Betty, de zus van Alice, een zekere meneer Moore, uitgever van beroep, benadert om de droom van Alice als boek uit te geven. Ook vinden er wat financiële onderhandelingen plaats. Betty schrijft het boek en voor de eerste druk wordt 3000 gulden betaald.

Uiteindelijk verschijnt in 1980 (volgens de Koninklijke Bibliotheek catalogus) – gelukkig  ̶  de laatste vertaling/bewerking in deze vorm in de Fazant-reeks, uitgegeven door Casterman te Dronten. De bewerker is nu K. van Gelderen, de titel van het sprookje ontbreekt en ook de heer Walls draaft weer op. Nu zijn 4 z/w illustraties van John Tenniel toegevoegd. Zie illustratie 12d.

De bewerkingen van Henricus Petrus van den Aardweg zijn in de loop der jaren ook uitgegeven in diverse meisjes-omnibussen (jaartallen zijn bij benadering):

1952

1963

1963

1975

1979

Het zou zomaar kunnen dat er nog Alice-boeken, bewerkt door Van den Aardweg, ontbreken in bovenstaande opsomming. Maar het is duidelijk dat deze heer, Henricus Petrus van den Aardweg, de aanstichter van de in het Fins vertaalde en later verboden boekuitgave is van deze erbarmelijke reeks Nederlandse  Alice’s in Wonderland.

BIJLAGE 1

De eerste Chinese vertaling van Alice in Wonderland dateert uit 1922. In maart 1931 verscheen een artikel in een krant uit Shanghai met de titel: “Een verzoek om onderwijshervormingen van schoolboeken”. Hierin beschuldigde gouverneur-generaal Ho Chien van de Chinese provincie Hunan, toentertijd onder de regering van Chiang Kai-shek, dat alle uitgaven van schoolboeken met pratende dieren niet zouden voldoen aan Chinese standaarden.  Zo staat in dat artikel:

Afbeeldingen van antropomorfe dieren die op hetzelfde niveau van complexiteit kunnen handelen als mensen zijn absurd. Hij (Ho Chien) geloofde dat het afbeelden van dieren en mensen op hetzelfde niveau “rampzalig” was voor  kinderen en buitengewoon beledigend was voor mensen in het algemeen. Schoolboeken die inadequaat moeilijk of waarvan de theorieën simplistisch maar onpraktisch zijn, moeten verbrand worden.

Merk hierbij drie dingen op: allereerst betreft het een verzoek, op de tweede plaats wordt het boek Alice in Wonderland in dit artikel niet genoemd en op de derde plaats kun je Alice in Wonderland nauwelijks een schoolboek noemen.
In 1931 was alleen de vijfde druk van de vertaling van Y.R. Chao in China verkrijgbaar.
Nauwelijks 2 maanden later, in mei 1931, schreef een anonieme schrijver een column in de New York Times dat Alice in Wonderland in de Chinese provincie Hunan verboden was en zo kwam dit valse gerucht in de wereld terecht. Zie voor een uitgebreid artikel hierover: Knight Letter 94:10. De Knight Letter is het tijdschrift van het Amerikaanse Lewis Carroll Genootschap.

Maar de Chinese Carrolliaan Howard Chang heeft hierover een afwijkende mening en stelt dat het Chinese verbod inderdaad bestond. Maar een duidelijk bewijs hierover ontbreekt. Zie Knight Letter 98:18.

BIJLAGE  2

Gebruikte pseudoniemen van Henricus Petrus van den Aardweg, namen voorzien van een * worden in een Alice in Wonderland gebruikt:

Annie Aalbers *
Annie van Aalst
Ankie van den Aardweg *
Toon van Alphen
J. van Arkel Zegwaard
Paulien ten Berghe
Lea van den Brink
K. van Gelderen *
Dr. K. van Heukelom
Henri van Hoorn *
Henriëtte van Hoorn *
Johanna van Hoorn
Tine Keuning
Gerda Magnin
Johanna van Munching *
Annie van Munching *
Allan Penning
Henri van Putten 

BIJLAGE   3

Dagblad voor West-Friesland   02-12-1941  

Het Vaderland     19-04-1942

BIJLAGE   4

Een vreemde prinses

Er was eens een ouderwetse koning met een heel lange baard en een gouden kroon in een ver land, die zeer geliefd was bij zijn volk. Hij zou heel gelukkig moeten zijn, maar was dat echter niet. Hij had een dochter en had grote zorgen om haar, want ze had één gebrek: ze lachte altijd, ongeacht de persoon, iedereen uit. Dus behalve haar vader en moeder hield niemand van haar. De koning had verder geen opvolger en het beste zou zijn als zijn dochter een leuke man vond, zodat hij kon terugtreden en het land zou kunnen achterlaten met een nieuwe koning. Helaas lachte zijn dochter ook elke toekomstige opvolger uit. Er was op iedereen wel wat aan te merken, waardoor de prinses weer alle gelegenheid had in lachen uit te barsten. En zo verliepen de jaren. Op zekere dag kwam een dwerg zijn opwachting maken om te vragen of hij de koning misschien kon helpen om het genezingsproces van haar uitlach-ziekte een nieuwe kans te geven. Onder de voorwaarde dat de koning hem tijdens het genezingsproces niet zou verwijderen van het hof én van zijn dochter, verzekerde de dwerg dat hij de prinses zou kunnen genezen.

Uiteraard begon de prinses luidkeels te lachen om deze onooglijke dwerg, toen ze deze in de gaten kreeg, maar tot haar ontzetting begon de dwerg juist om haar te schateren en hield daar niet mee op, wat zij ook zei. ’s Nachts droomde zij van wel duizend dwergen die om haar heen dansten en badend in het zweet werd zij dan wakker. De volgende dag ging het op dezelfde manier door tot de prinses in tranen uitbarstte en uitriep dat het heel naar is om uitgelachen te worden. Na een moralistisch praatje van de dwerg was ze plotsklaps genezen van haar kwaal. Samen gingen ze naar de koning om de beloning voor de dwerg op te halen. Maar staand voor de koning veranderde de dwerg ineens in een knappe, jonge prins, die meteen bij de koning om de hand van de prinses vroeg. En ze leefden nog lang en gelukkig.

Referenties

[1] Een bekend voorbeeld hiervan uit de popmuziek is het beroemde nummer White Rabbit van Jefferson Airplane uit 1967 of het boek Alice in Acidland van Thomas Fensch uit 1970.
[2] Zie bijlage 1 voor enige duiding voor dit Chinese gerucht, met dank aan het Amerikaanse Lewis Carroll Genootschap.
[3] The Knight Letter (KL) is het tijdschrift van het Amerikaanse Lewis Carroll Genootschap.
[4] Dit artikel verscheen voor het eerst in de Knight Letter, The Magazine of the Lewis Carroll Society of North America, Vol. III, Issue 4, No. 104 (Spring 2020).
[5] Deze illustraties worden toegeschreven aan B.J. Brienen (1903-1972).
[6] Er is een onofficiële Engelse vertaling van de Finse wet, gepubliceerd door het Finse ministerie van Justitie. Daarin heet de sectie “Bescherming van klassiekers” en de overtreder “schendt culturele belangen”. In de meeste gevallen met betrekking tot de Finse wetgeving zijn de Zweedse teksten vertalingen van de Finse, maar in dit specifieke geval is de onhandige Finse bewoording (menetellään julkisesti sivistyksellisiä etuja loukkaavalla tavalla) uit het Zweeds vertaald.
[7] Een ander actueel en veel besproken geval van een verboden boek in die tijd was het boek Kreeftskeerkring van Henry Miller. Het was verboden – maar alleen in de Finse vertaling, niet in de Zweedse vertaling – op basis van obsceniteit en op grond daarvan werd dit boek in beslag genomen. (Het verbod werd ook afgekeurd door Tiusanen). Finland is een tweetalig land – zowel Fins als Zweeds zijn officiële nationale talen – dus  dit verbod en de inbeslagname zorgde voor een tweespalt tussen Fins-sprekende Finnen en Zweedstalige Finnen vanwege deze onfatsoenlijke en ongelijke bejegening.
[8] Mark Burstein is een gerenommeerde Amerikaanse Carroll-verzamelaar.
[9] Zie: https://www.dbnl.org/tekst/bork001schr01_01/bork001schr01_01_0003.php
[10] Zie bijlage 4 voor een korte samenvatting van het sprookje.
[11] Zie ook de bibliografie bij dit boek in: https://lewiscarrollgenootschap.nl/wp-content/uploads/2020/02/A1.pdf
[12] B.J. Brienen Jr. (1903-1972), in zijn tijd illustrator van veel kinderboeken