David Hall en Disney

Phlizz

Online magazine van het Lewis Carroll Genootschap

De Amerikaanse Lewis Carroll Society heeft onlangs aandacht besteed aan de twee onvoltooide Disney films van Alice in Wonderland. Dé aanleiding voor de redactie van Phlizz om aandacht te besteden aan David S. Hall (1905-1964). Deze tot Amerikaan genaturaliseerde illustrator heeft in de jaren dertig voor Disney Studios in Los Angeles gewerkt en onder andere illustraties gemaakt voor een tekenfilm van Alice in Wonderland die nooit is voltooid.

David Samuel Hall wordt op 23 juli 1905 geboren in Bangor, County Down, Noord-Ierland als derde kind van Iers-Amerikaanse ouders. Zijn ouders, gehuwd in 1898 in Flemington,  West Virginia, Verenigde Staten (VS), wonen in het begin van hun huwelijk afwisselend in de VS en Noord-Ierland. Zijn vader en twee ooms werken in de import van sterke drank uit Ierland naar de VS. In 1916 gaat de familie Hall voorgoed terug naar Amerika, allereerst naar Pittsburgh waar zij eerder ook woonden om een paar jaar later te verhuizen naar Los Angeles. Daar gaat David naar de Hollywood High School en na zijn middelbare schoolperiode gaat hij  studeren aan het Art Center College of  Design, eveneens in Los Angeles.

Als artistiek producent maakt Hall zijn debuut in 1927 bij de regisseur Cecil B. Demille van Paramount Studios en vanaf 1928 werkt hij voor het art department van Fox Film Corporation, het latere Twentieth Century Fox. Hall werkt onder meer aan de decors voor The Red Dance (1928) en Hot for Paris (1929) van de regisseur Raoul Walsh. Tijdens de opnames voor Hot for Paris is hij al opgeklommen tot art-director. Daarna werkt hij ongeveer tien jaar lang mee aan films als Dante’s Inferno, Wee Willie Winkie en The Three Museketeers.

David Hall trouwt op 9 augustus 1930 met Florence Helen McCary. Zij vestigen zich in downtown Los Angeles en in 1931 wordt hun zoon David Hall jr. geboren. Na vijf jaar verhuizen ze naar Santa Monica.

Begin 1939 ontvangt Hall een brief van Phil Dike die onder andere verantwoordelijk is voor  het trainingsprogramma van Disney Studios en zich ook bezighoudt met talent scouting.

Dike schrijft:  “Dear Mr. Hall, I have intended for several weeks to contact you in regard to the possibility of an affiliation with this Studio. As I explained when you were in to see me, it would be wise to get the opinion of various department heads in regard to where you might best fit into the organization. Would it be possible for us to arrange a time in the near future for a conference with the head of our Personnel Department to discuss the actual advantages within this Studio?”

Wat er daarna precies gebeurt is onbekend, maar op 1 maart 1939 treedt Hall in dienst van Disney Studios en begint onmiddellijk aan de illustraties voor Alice in Wonderland. Waarschijnlijk wordt hij aangenomen door Disney-staflid Hal Adelquist of Disney-directeur Dave Hand. De dan 34-jarige Hall krijgt een eigen werkplek toegewezen. Die werkruimte van Hall bevindt zich niet in de Disney Studio aan Hyperion Avenue maar aan 861 Seward Street in Hollywood. Disney heeft daar een ontwerpstudio en behalve aan Alice in Wonderland werkt Hall daar ook mee aan Bambi , Peter Pan en kortstondig aan The Reluctant Dragon.

Al in de vroege jaren twintig is Walt Disney betrokken bij een serie filmpjes die gedeeltelijk cartoon en gedeeltelijk ‘live-action’ zijn, waarbij steeds Alice een rol speelt, die wordt vertolkt door kindsterretjes. Walt Disney loopt al jaren rond met plannen om Alice in Wonderland als een avondvullende tekenfilm te produceren,  in 1931 heeft Disney Studios de rechten van Tenniel’s tekeningen gekocht en in 1938 is de titel Alice in Wonderland geregistreerd bij de Motion Picture Association of America.

Disney Studios geeft de schrijver Al Perkins de opdracht om Alice in Wonderland en Lewis Carroll te doorgronden. Het onderzoek van Perkins resulteert in ‘Analysis of the Book Alice in Wonderland’. In het 161 pagina’s dikke script dat circuleert in de studio’s van Disney wordt Alice in Wonderland hoofdstuk voor hoofdstuk geanalyseerd. Behalve een analyse geeft Perkins per scène ook meerdere mogelijkheden. Perkins’ analyse heeft een grote invloed op de manier waarop het project zich ontwikkelt en is een inspiratiebron voor de tekeningen van David Hall.

Hall is een workaholic die nooit stopt met werken. Hij kan heel snel tekenen en maakt meestal kleine tekeningen die op hun beurt weer resulteren in (nieuwe) ideeën die hij vervolgens uitwerkt op nieuwe vellen papier. Met zijn ‘six foot three’, pijprokend en altijd elegant gekleed in een driedelig kostuum is Hall een imposante verschijning en vriendelijke reus van 191 centimeter. In een interview met Didier Ghez, de auteur van de serie boeken getiteld Disney. They drew as they pleased, zegt oud-collega William Creber over Hall:

“David was a very friendly man. He was a very pleasant person to be around and hugely talented. He always came to work dressed in a jacket, a tie and French cuff links. He was very neat and highly organized where he worked. The [work]space was always perfect. Before he would leave at night he would empty his water which was in a crock on his desk. He would clean all his brushes, and in the top drawer of his desk he would align all his brushes by size. After they were cleaned and carefully groomed, he would put everything away and wipe the desk clean. As I recall there was nothing on the desk. And then the watercolor paper that he used was stored. He had a place for that [too] and it was [then] all out of view”.

De eerste bespreking over de film woont Hall bij op 12 juni 1939. Hij pikt de bedoeling(en) snel op en verwerkt de bespreking (meteen) in zijn ontwerpen. In de daarop volgende maanden produceert Hall meer dan 400 tekeningen, die hij veelal baseert op Perkins’  ideeën voor de scènes. Bij Halls uitwerking wordt op verschillende punten van de volgorde van de originele tekst van Carroll afgeweken. Hier wordt voor gekozen om een beter lopend filmisch verhaal te creëren.

Wanneer de scriptschrijvers erom vragen, maakt Hall nieuwe tekeningen (met aanpassingen). Tijdens een bespreking in september 1939 wordt hem bijvoorbeeld gevraagd om een tekening toe te voegen bij de Mad Teaparty. Hall wijkt af van het originele verhaal en tekent Alice met de slapende Dormouse op haar schoot.

Hall baseert zijn ontwerpen grotendeels op de suggesties van Perkins’ onderzoek en de oorspronkelijke tekeningen van Tenniel, toch hebben zijn tekeningen en karakters een geheel eigen stijl. Hij deelt de fascinatie van Tenniel voor het groteske, maar gaat duidelijk verder in zijn interpretatie door de scènes veel gedetailleerder uit te werken. Hall heeft een dynamisch begrip van beweging, dat is nodig voor iemand die de film scène voor scène tekent, maar zijn flair als tekenaar is bijvoorbeeld te zien in de gezichtsuitdrukkingen en fysieke uitstraling van de karakters. De ontwerpen zijn het tegenovergestelde van het statische karakter van Tenniels tekeningen. In slechts drie maanden produceert Hall maar liefst zo’n 400 schetsen, tekeningen en schilderijen. Een groot aantal zijn meesterwerkjes en de meeste bevinden zich dan al in vrijwel afgeronde staat.

In de herfst van 1939 produceert Disney Studios een ‘Leica Reel’ van Alice. Om een indruk te geven van de vorm, continuïteit en sfeer van de film wordt tijdens het Leica Reel-proces een serie tekeningen op film gezet en samengevoegd met een soundtrack. Voor de voorlopige soundtrack van Alice wordt onder andere Cliff Edwards ingehuurd als Talking Bottle. De Amerikaanse zanger/acteur wordt later bekend als de stem van Jiminy Cricket in Pinocchio.

In november 1939 krijgt Walt Disney de Leica Reel van Alice te zien. Disney vindt het wel aardig, maar is niet echt enthousiast. Bovendien heeft hij zo zijn twijfels over de realistische tekeningen van Hall. Hij vindt ze niet zo geschikt voor een tekenfilm.

[vc_video link=”https://www.youtube.com/watch?v=uGhSYCuLfpc” align=”center” title=”Leica Reel”]

“There’s certain things in there that I like very much and there are other things that I ought to tear right out. I don’t think there would be any harm in letting this thing sit for a while. Everyone is stale now. You’ll look at it again and maybe have another idea on it. That’s the way it works for me…” (Bron: Didier Ghez)

Het kan zijn dat Disney bang is dat de tekenfilm te ver afstaat van Carrolls origineel want hij voegt er nog aan toe:

“I still feel that we can stick close to Alice in Wonderland and make it look like it and feel like it, you know”.

Al eerder heeft iemand opgemerkt dat het nog wel drie jaar kan duren voor er resultaat is, waarop Disney antwoordt: “you’re an optimist!”.

Op woensdag 29 mei 1940 presenteert Hall andermaal een storyboard, dit keer voor de cartoon adaptatie van het boek The Reluctant Dragon. Bijgaande illustratie is de enige bekende afbeelding, de originele prenten zijn nog nooit teruggevonden. Ook nu wordt zijn werk niet akkoord bevonden, zijn collega’s keuren het af. Een van hen, T. Hee zegt: “I think Dave’s board is overdrawn”, waarop Hall stekelig antwoordt: “This is quite possible because I tried to use some things out of the book”.  Wat een geweldig antwoord!

Drie dagen later op 1 juni 1940, wordt Hall  tezamen met enkele andere collega’s ontslagen.

 

 

 

In 1944 worden 30 tekeningen van David Hall gepubliceerd bij een verkorte versie van Carroll’s verhaal in de publicatie Walt Disney’s Surprise Package.

Hall keert terug naar de ‘live-action’ film en wordt achtereenvolgens productie-assistent voor filmproducer Lester Cowan en daarna art director bij Columbia Pictures en nog voor het eind van de Tweede Wereldoorlog gaat hij werken bij MGM. Hij heeft meegewerkt aan talloze films waaronder Quo Vadis, Ben Hur, Solomon and Sheba, The four Horsemen of the Apocalyps en King of Kings.

Zijn schoondochter Jane Hall beschrijft hem alsvolgt:

“He was kind of shy [and] he had a British manner about him. He was a quiet man but he had a really good sense of humor and he liked to laugh. He loved cars. He loved antiques. But [most of all] he loved art. And he liked architecture. When [he and his wife] built a house in the Riviera Palisades in West Los Angeles, he designed it. He enjoyed choosing all of the architectural details and the wallpaper and that sort of thing”. (Bron: Didier Ghez)

Met de vele interesses die Hall had is het niet gek dat hij behalve films ook andere werkzaamheden op zich nam. Zo werd hij tijdens de Koreaanse Oorlog  aangesteld door een generaal om met een combat missie mee te vliegen om de Air Force in action te tekenen voor het Pentagon.

Eind jaren vijftig is er nog een zijdelings contact met Disney als hij wordt ingehuurd door een voormalige vice-president van Disneyland, C.V. Wood om mee te helpen bij het ontwerpen van Freedomland, een nieuw themapark dat het jaar erop zou worden geopend in New York.

Tijdens de werkzaamheden aan The Greatest Story Ever Told van George Stevens krijgt Hall plotseling een hartinfarct en overlijdt op 23 juli 1964 op 58-jarige leeftijd. Als een jaar later de film van Stevens uitkomt wordt het een groot succes en in 1966 wordt deze bekroond met vijf Oscarnominaties. David S. Hall ontvangt posthuum een nominatie als art director.

Vijftig jaar nadat David Hall de tekeningen bij Carrolls verhaal maakte verscheen er eindelijk een complete uitgave van Alice in Wonderland met ruim honderd van zijn fraaie tekeningen bij uitgeverij Methuen.

Wat het werk van David Hall voor mij zo aantrekkelijk maakt is, dat hij in zijn tekeningen en schilderijen op een poëtische manier de bizarre chaos van het verhaal weet te vangen door de gedetailleerdheid en het nachtmerrie-achtige karakter dat  erin wordt benadrukt. Het is jammer, dat dit fraaie werk nooit tot een film heeft geleid. De uiteindelijke verfilming van de Disney Studios, die mede door de Tweede Wereldoorlog werd vertraagd verscheen uiteindelijk in 1951 en staat mijlenver af van de oorspronkelijke tekeningen van Hall, hoewel de tekeningen bij het vierde hoofdstuk  ‘The rabbit sends in a little bill’ wel als inspiratie zijn gebruikt.