Skip to main content Scroll Top

Het tijdschrift ‘The Snarkologist’ nader bekeken

Phlizz

Online magazine van het Lewis Carroll Genootschap

Inleiding
Het feit dat het dit jaar 150 jaar geleden is dat The Hunting of the Snark verscheen, het nonsensgedicht van Lewis Carroll, kunnen we natuurlijk niet onopgemerkt voorbij laten gaan. Het is een goede aanleiding om eens te kijken naar het volledig op de Snark gerichte tijdschrift The Snarkologist.

Ontstaan
De Alice-boeken (uit 1865 en 1872) krijgen meestal meer aandacht dan The Hunting of the Snark (uit 1876), maar ikzelf voel me altijd meer aangetrokken tot ‘de Snark’, zonder overigens iets af te willen doen aan de kwaliteit van de Alice-boeken. In 2019 kwamen Mark en Catharine Richards samen met Michael en Dayna Nuhn Lozinski tot dezelfde conclusie en zij besloten er iets aan te doen. Ze richtten The Institute of Snarkology op met als website https://snarkology.net/, en in mei 2021 zag het eerste nummer van hun tijdschrift The Snarkologist het licht. Overigens is Mark Richards zowel oud-voorzitter van de Engelse Lewis Carroll Society als lid van ons eigen Lewis Carroll Genootschap.

Dayna Nuhn Lozinski werd hoofdredacteur van het (in Canada uitgegeven) tijdschrift. Zie hierover ook de korte mededeling in de Phlizz van 30 juni 2021.

Tijdschrift
Het doel van het tijdschrift is het publiceren van artikelen over:

  • nieuwe en eerdere edities van The Hunting of the Snark,
  • belangrijke archieven en collecties,
  • kunstenaars en illustratoren van de Snark,
  • theater- en filmbewerkingen van de Snark,

en nog veel meer.

Op het voorblad van The Snarkologist (Figuur 1) is de letter “O” weergegeven in de vorm van een windroos – misschien een verwijzing naar de blanco zeekaart in het originele verhaal.
Het blad verschijnt twee keer per jaar en is Engelstalig. Het komt alleen op papier uit, op ongeveer A5-formaat. De nummers 1 en 2 bestaan respectievelijk uit 24 en 36 pagina’s, daarna is het aantal pagina’s altijd 40 of hoger geweest.
De nummers worden aangeduid met Volumes en Fits. Na Volume 1, Fit 8 gaat het verder met Volume 2, Fit 1. Het oorspronkelijke gedicht van Carroll heeft als ondertitel an Agony, in Eight Fits, vandaar dat men gekozen heeft voor acht Fits per Volume.  (NB  ‘Fits’ is oud-Engels voor hoofdstukken of zangen in een lang gedicht of ballade; zie Kelly Fineman’s LiveJournal.)
Het meest recente nummer (het 11e) is Vol. 2 Fit 3.

Het tijdschrift wordt los verkocht, er is geen abonnement mogelijk. Eerdere nummers zijn nog steeds verkrijgbaar via de website (onder “Journal”).
De prijs per nummer is 11 Britse pond, ongeveer €12,70, inclusief verzendkosten.

In het tijdschrift staan veel links naar het internet. Niet alleen van de artikelen zelf maar ook naar interessante achtergrondinformatie, zoals bijvoorbeeld een link naar een blog van Mahendra Singh die een eigen bewerking van de Snark maakte en in de blog zijn tekeningen stuk voor stuk toelicht.

 

Bij de eerste twee delen zat een persoonlijk bedankbriefje van Dayna Lozinski, deels handgeschreven. Later is dit vriendelijke gebruik helaas in ongerede geraakt.

Inhoudsopgave
Bij het bekijken van de inhoudsopgave (Figuur 3) van een willekeurig deel valt onmiddellijk op dat de bijdragen in categorieën zijn onderverdeeld, min of meer vergelijkbaar met de Phlizz. Er is wel iets meer variatie dan bij de Phlizz; buiten de vaste onderdelen komen ook ongecategoriseerde inhoudsopgaven veelvuldig voor.
Enkele voorbeelden van vaste onderdelen:

  • From the Bellman’s Log: het voorwoord van de editor
  • Warranted Genuine Snarks: interview met een tekenaar of een vertaler
  • Just the place for a Snark: bespreking van diverse collecties (van bijvoorbeeld een instelling, een privépersoon of een museum)
  • Pursue it with Hope: overzicht van nieuw gepubliceerde uitgaven.

Inhoud
Lezers worden uitgenodigd bijdragen in te zenden voor publicatie. Dit kan door het opsturen van een eigen artikel of een idee daarvoor; ze kunnen ook een verzoek doen om mee te schrijven aan één van de vaste rubrieken. Na goedkeuring van de redactie wordt de bijdrage geplaatst. Dit alles geeft een veelzijdig en gevarieerd aanbod van bijdragen. Het blad is overvloedig geïllustreerd, in de latere delen steeds meer in kleur.

Onderwerpen
Het zal duidelijk zijn dat er veel aan The Hunting of the Snark gerelateerde onderwerpen de revue passeren in het tijdschrift. Ik geef enkele voorbeelden die mij aanspreken:

Carroll gaf veel exemplaren van de Snark weg, veelal voorzien van een opdracht aan de ontvanger. Een overzicht van alle opdrachten, de ontvangers en de omstandigheden beslaat 23 bladzijden. Dit zal een enorm uitzoekwerk geweest zijn voor de auteurs (Selwyn Goodacre, Edward Wakeling en Catherine Richards).

Erg grappig vond ik zelf het nonsens-onderdeel waarin kunstenaar Gerald King op een filatelistisch verantwoorde wijze alle door hem zelf bedachte postzegels van het fictieve Snark Eiland presenteert. Inclusief afbeeldingen van postzegels, stempels, briefkaarten en veel meer.

Voor verzamelaars die geïnteresseerd zijn in de in Japan uitgegeven vertalingen van de Snark, zoals ikzelf, staat in Vol. 2, Fit 1 een overzicht van alle publicaties en gerelateerde zaken.

Carroll was blijkbaar geïntrigeerd door het getal 42. Yuriko Kobata gaat hier in Vol. 1, Fit 3 nader op in, ook v.w.b. Alice in Wonderland. Ook het getal 67 (6×7=42) wordt behandeld.

Een flink aantal reviews die direct na het uitkomen van de Snark zijn geschreven worden gepresenteerd in een artikel van Catherine Richards. Het is Interessant om te lezen hoe het boek toentertijd ontvangen werd.

Er gaat al jaren het hardnekkige gerucht dat een echte eerste editie van het boek The Hunting of the Snark te herkennen zou zijn aan het feit dat op pagina 83 aan het einde van het voorlaatste vers “Baker” staat, waar “Butcher” zou moeten staan. Het blad gaat hierop in en ontkracht dit: er staat altijd, ook in de eerste druk, ”Baker”. Het is simpelweg een verkooptruc om latere uitgaven als eerste druk te verhandelen.

Als laatste dan, een anekdote: Vlak nadat Theodore Roosevelt president werd van de Verenigde Staten nodigde hij zijn oude vriendin de schrijfster Edith Wharton uit voor een lunch. Toen ze aankwam werd ze enthousiast begroet met de uitroep: “Eindelijk kan ik weer uit de Hunting of the Snark citeren”. Roosevelt citeerde blijkbaar regelmatig uit de Snark, maar werd nooit begrepen.

Tot slot
The Snarkologist is in mijn ogen een veelzijdig tijdschrift met diverse inzichten en aandachtspunten met betrekking tot The Hunting of the Snark.  Voor liefhebbers van en geïnteresseerden in de Snark kan er maar één conclusie zijn: Lees dit tijdschrift!


Gebruikte literatuur
Lewis Carroll, 1876, The Hunting of the Snark
Martin Gardner, 2000, The annotated Alice
The Snarkologist, 2021-2026, Vol 1. Fit 1 t/m Vol. 1 Fit 8 en Vol. 2 Fit 1 t/m Vol 2. Fit 3
Phlizz, online magazine van het Lewis Carroll Genootschap, 30 juni 2021
Mahendra Singh, 2010, The Hunting of the Snark

Arnold Zandbergen,
zandbergen55@outlook.com,
20 juni 2026.